HOME > techniek > techniek verbeteren > fouten bij dubbelstokken

Wat kan er allemaal fout gaan bij het dubbelstokken?

Informatie over de NEROVE
rolski-uitrusting
Rolski-winkel
Techniek en cursus
Rolski-kalender 2003
De rolski-verkenner: het startpunt voor elke rolskiër
Links
Nieuws
Stuur een reactie naar Rolskitotaal
Sitemap

In onderstaande aanwijzingen staan begrippen vermeld, die je wellicht niet bekend zijn. Deze staan nader omschreven in onze begrippenlijst. Deze kun hier downloaden. (Het betreft een PDF bestand met een grootte van 64Kb, dat je kunt lezen met behulp van de gratis verkrijgbare Acrobat Reader software.)

Volg onderstaande hyperlinks naar mogelijke fouten bij het dubbelstokken.

Handen komen vóór te hoog
De stok-hoek is niet scherp genoeg
Onvoldoende hoeken
Te vroege inzet van de zwaaibeweging naar achteren
Te snel oprichten van het bovenlichaam na het omkeer-moment
Handen vóór te breed
Geen explosieve arm-afzet
Te snelle zwaai-fase
Geen wisselend passeer-punt

 

 

 

 

 

belast

Handen komen vóór te hoog
Breng de stokken altijd met de punten laag boven de grond naar voren, anders gaat bij een snelle stok-insteek te veel kracht verloren. Het herhaalde schok-effekt kan bij overbelasting een soort van "ski-arm" doen ontstaan. Zachtjes insteken en dan snel doorhalen naar beneden en naar achteren, dat is de manier om snelheid op te bouwen.

 

 

belast

De stok-hoek is niet scherp genoeg
Alleen als de stokken schuin naar achteren wijzen kan de stok-insteek in één doorgaande beweging overgaan in de trek-fase.

 

belast

Onvoldoende hoeken
Het bovenlichaam dient aan het begin van de trek-fase vanuit de heup in een horizontale stand te worden gebracht om het passeer-punt onder kniehoogte te brengen. Vooral in het eerste gedeelte van deze buiging kan veel kracht op de stokken worden overgebracht als de haakse hoek tussen opperarmen en bovenlichaam gehandhaafd blijft.

 

belast

Te vroege inzet van de zwaaibeweging naar achteren
Tot het bovenlichaam bijna horizontaal is ontstaat door hefboomwerking van het hoeken voldoende trek-effekt naar achteren. Daarna heeft het pas zin om vanuit de oksels de armen naar achteren te bewegen om het trek-effekt te continueren.

 

belast

Te snel oprichten van het bovenlichaam na het omkeer-moment
Door de krachtige afzet van de armen ontstaat kostbare snelheid die niet door een verstoring van het evenwicht of door een teveel aan luchtweerstand verloren mag gaan. Blijf dus eerst nog even in gebogen houding doorrollen alvorens het bovenlichaam langzaam op te richten en de handen weer naar voren te brengen.

 

belast

Handen vóór te breed
Hoe dichter de handen vóór bij elkaar komen des te groter wordt de trekkracht en hoe minder de kans op een verstoring van het evenwicht, omdat er automatisch aan iedere stok even hard wordt getrokken als de handen niet te ver gespreid zijn.

 

belast

Geen explosieve arm-afzet
In de trek- en duw-fase behoren de handen vlot en met toenemende kracht en snelheid naar achteren te bewegen om na een explosieve strekking van de armen zelfs nog in het omkeerpunt naar boven door te zwaaien.

 

belast

Te snelle zwaai-fase
De van achteren komende handen blijven eerst, zolang het bovenlichaam nog horizontaal wordt gehouden, nog even in het achterste omkeer-punt hangen en komen dan met het oprichten van het bovenlichaam langzaam naar voren, maar bereiken het voorste omkeer-punt niet voordat het bovenlichaam weer schuin naar voren gericht is.

 

belast

Geen wisselend passeer-punt
Het passeer-punt dient bij de achterwaartse zwaai onder en bij de voorwaartse zwaai boven kniehoogte te liggen.

Klik op onderstaande hyperlinks om meer te weten te komen over andere fouten.

Ook deze complete lijst met aanwijzingen voor het verbeteren van de techniek kan worden gedownload. (Het betreft een PDF bestand met een grootte van 341Kb, dat je kunt lezen met behulp van de gratis verkrijgbare Acrobat Reader software.)
 
 
 
© Nederlandse Rolski Vereniging, 2003